Je bekijkt nu God de Zoon

God de Zoon

Ontdek waarom Jezus niet zomaar ‘een zoon’ maar dé Zoon van God is: getuigenissen, unieke relatie met de Vader en uitspraken die Zijn goddelijkheid blootleggen. Lees verder. (4 minuten leestijd, 13:08 minuten video)

Een zoon van God

De term ‘zoon/-zonen van God’ komt vaak in de Bijbel voor; men vertaalt ‘zonen van God’ soms als ‘kinderen van God’ wanneer het op mannen én vrouwen slaat. Wie of wat is een ‘zoon van God’? De term kan slaan op lichamelijke of geestelijke wezens, op individuen of op volk en koning. Belangrijker: God de Zoon onderscheidt zich als het hoogste geestelijk wezen (Hebr.1:3-6).

Gevallen van ‘zoon van God’

  • Geestelijke wezens worden ‘zonen van God’ genoemd (Ge.6:2; Job 1:6; 2:1; 38:7).
  • Mensen worden eveneens zo genoemd (Mat.5:9; Joh.1:12-13; Rom.8:12-25; 1 Joh.3:1-3). Toch is de grootste van alle mensen de Zoon van God (Op.1:5).
  • Wie Gods karakter weerspiegelt, heet ‘zoon van God’ (Mat.5:9; 1 Joh.3:9-10), maar de perfecte reflectie is de Zoon van God (Joh.14:9).
  • Israël wordt ‘zoon van God’ genoemd (Ex.4:22-23); de verpersoonlijking van de ware Israël is de Zoon van God (Jes.49:3,5).
  • Koningen uit Davids geslacht heetten ‘zonen van God’ (2 Sam.7:12-16). Echter de Messias, de eeuwige koning uit Davids lijn, is dé Zoon van God (Ps.2; Jes.9:6; Luc.1:32).

Aard en status

In alle gevallen betreft ‘zoon van God’ een schepsel dat vrijwillig handelt in Gods geest. Daardoor neemt God hem/haar aan als zoon. Toch erkenden engelen, demonen en mensen Jezus expliciet niet als ‘een’ maar als dé Zoon van God (Mar.3:11; Luc.4:41; Joh.1:34).

De Zoon van God erkend

Engel Gabriël en andere hemelse wezens erkenden Jezus als de Zoon van God (Luc.1:30-32). Evenzo bevestigden demonen Zijn positie (Mar.3:11; Luc. 4:41). Ongelovige Joden en Romeinen herkenden Hem soms als Zoon (Joh.42:43; Joh.45:52). Discipelen en apostelen verklaarden Zijn identiteit (Mat.14:33; Mat.16:15-17). Vervolgens bevestigden de Vader en de Heilige Geest Zijn status bij de doop (Mat.3:16-17). Bovendien bevestigde Jezus deze relatie zelf (Mar.14:61-62).

Waarom dé Zoon?

Waarom is Jezus niet ‘een zoon van God’ maar wél de Zoon van God? Ten eerste gebruikten demonen, de engel Gabriël en de profeet Johannes deze titel. Ten tweede toonde Jezus na dood en opstanding autoriteit: Hij zei dat men Hem de Zoon des mensen aan God’s rechterhand zou zien en dat Hem alle macht in hemel en op aarde was gegeven (Mat.26:64; Mat.28:18). Ten derde benadrukte Hij de unieke verhouding tot de Vader: “Alle dingen zijn Mij overgegeven door Mijn Vader; en niemand kent de Zoon dan de Vader, en niemand kent de Vader dan de Zoon, en hij aan wie de Zoon het wil openbaren.” Deze unieke relatie bestond al vanaf het begin van de Schepping (John 1:1-3,14). Jezus is in de goddelijke zin, Zoon van God!

God de Zoon

JHWH is de Hebreeuwse Naam van God; de betekenis luidt ‘IK BEN’ (Ex.3:14-15). Jezus zei: “Vóór Abraham was, Ik Ben” (Joh.8:58). Daardoor  was het voor de Joden duidelijk dat Jezus zei dat Hij God is en als gevolg wilden zij hem stenigen voor Godslastering. Verder verklaarde Hij: “Ik en de Vader zijn één” (Joh.10:30), waarna opnieuw verontwaardiging ontstond.

Heerschappij en erkenning

Jezus noemde Zich Heer (Gr. kurios) van de sabbat (Mat.12:8; Mar.2:28; Luc.6:5). Het Griekse ‘kurios’ betekent zowel Heer als God; zo herkenden Joden Zijn goddelijke aanspraak. Ten slotte, na Zijn opstanding daagde Hij Thomas uit om te zien en te geloven, waarop Thomas uitsprak: “Mijn Heere en mijn God!” (Joh.20:27-29). Daarmee bevestigde Thomas persoonlijk Jezus’ godheid.

Slot

Samenvattend toont het Schrift dat vele categorieën — engelen, mensen, volk en koningen — ‘zoon van God’ kunnen heten. Desalniettemin staat één Persoon boven allen: God de Zoon, door Vader en Geest erkend en door Zijn woorden en daden als Heer en God geopenbaard.

JHWH

De Engel van de HEERE gaf Mozes Gods woord; JHWH betekent “IK BEN”. Jezus als het Levende Woord draagt die goddelijke Naam, gezonden om te leiden, beschermen en verlossen.